Proefexamen N(ovice)

Bewering 1:

Een FM-zender wordt gemoduleerd met een spraaksignaal. De klasse van uitzending is F2A.

Bewering 2:

Een enkelzijbandzender met onderdrukte draaggolf wordt gemoduleerd met een spraaksignaal. De klasse van uitzending is J2B.

 Wat is juist?

 
 
 

Een yagi-antenne heeft één director.

Door het bijplaatsen van directoren:

 
 
 

Twee gelijke condensatoren met waarde C worden parallel geschakeld.

De capaciteit van de parallelschakeling wordt:

 
 
 

Om het opgenomen vermogen van de zender zo nauwkeurig mogelijk te meten, dient de weerstand van de respectievelijke meetinstrumenten te zijn:

 
 
 

Van een drie-elements yagi-antenne moet de voedingslijn worden aangesloten op

 
 
 

Verbindingen in de 14 MHz band over grote afstand worden gemaakt via:

 
 
 

 

Afbeelding 1

Transformator T2 dient voor het:

 
 
 

Het voor een radiozendamateur met een N-registratie toegestane zendvermogen in de 2-meter amateurband is:

 
 
 

In een hoogfrequentkring wordt een vaste condensator van 80 pF in serie geschakeld met een variabele. De capaciteit van de variabele condensator kan worden ingesteld tussen 20 en 80 pF.

De kring ziet een capaciteitsvariatie van:

 
 
 

Eén van deze toepassingen van een transformator is niet juist

 
 
 

Dit is het blokschema van een

Het blokje gemerkt met X stelt voor:

 
 
 

De bandbreedte van een FM-signaal:

 
 
 

Bewering 1:

Een dubbelzijband AM-zender wordt gemoduleerd met een spraaksignaal. De klasse van uitzending is A3E.

Bewering 2:

In een zender wordt fasemodulatie toegepast voor het uitzenden van een datakanaal. De klasse van uitzending is G3E.

Wat is juist.

 
 
 

Welke karakteristiek behoort bij een hoogdoorlaatfilter?

 

 

 

 
 
 

Het zendvermogen van een zender is instelbaar van 1 tot 50 watt. De zender kan werken van 144-148 MHz.

Mag een radiozendamateur met een N-registratie dit apparaat gebruiken ?

 
 
 

Als van een weerstand van 200 ohm de mogelijke waarde ligt tussen 190 ohm en 210 ohm dan is de tolerantie

 
 
 

De snelheid waarmee radiogolven zich in de vrije ruimte voortplanten bedraagt ongeveer:

 
 
 

De automatische versterkingsregeling van een ontvanger regelt de:

 
 
 

De volgende gebieden bevinden zich in ITU regio III:

 
 
 

Variabele condensatoren worden gevormd door twee geleiders met daartussen een diëlectricum.

Een vaak toegepast diëlectricum is:

 
 
 

De resonantiefrequentie van een afstemkring wordt bepaald door:

 
 
 

De radiozendamateur mag het amateurstation gebruiken voor het uitzenden van:

 
 
 

Als de detectieschakeling met BFO wordt meegeteld dan heeft een enkelvoudige superheterodyne-ontvanger.

 
 
 

Dit is het blokschema van een FM-zender.

In dit blokschema ontbreekt de:

 
 
 

Als transistoroscillator kan het best worden gebruikt:

 
 
 

De parallelkring is in

De impedantie tussen X en Y is:

 
 
 

De letter ”L” wordt in de elektronica gebruikt voor een:

 
 
 

Het doel van een FM-detector in een ontvanger is:

 
 
 

Een radiozendamateur met een N-registratie heeft een zelfbouw 2-meter zender met een zendvermogen van maximaal 60 watt.

Het gebruik van deze zender door de N-geregistreerde is:

 
 
 

De schakeling stelt voor:

 

 
 
 

De letter ”R” wordt in de elektronica gebruikt voor een:

 
 
 

In netvoedingen moet de aarddraad van het netsnoer worden verbonden met het metalen chassis.

Hierdoor zal in alle gevallen dat er een fout in de voeding optreedt:

 
 
 

Wanneer in een geluidinstallatie laagfrequentdetectie optreedt als gevolg van een nabije EZB-zender, die gemoduleerd wordt met spraak, klinkt dat als:

 
 
 

Dit is een schema van:

 
 
 

De parallelresonantiefrequentie van deze schakeling wordt bepaald door:

 

 

 

 

 

 

 
 
 

De schakeling is een:

 
 
 

De hoogste laag in de ionosfeer is:

 
 
 

Welke maatregel kan worden genomen tegen het optreden van storing als gevolg van een aanwezig stoorveld?

 
 
 

In weerstand R1 wordt 10 watt gedissipeerd.

Het gedissipeerde vermogen in de gehele schakeling is:

 
 
 

Radioverbindingen in de 2-meter band tussen stations op aarde vinden in het algemeen plaats via de:

 
 
 

Vraag 1 van 40