Proefexamen N(ovice)

Een FM-zender wordt gebruikt voor het uitzenden van een facsimilé-signaal

De klasse van uitzending is:

 
 
 

Variabele condensatoren worden gevormd door twee geleiders met daartussen een diëlectricum.

Een vaak toegepast diëlectricum is:

 
 
 

De weerstand van een seriekring in resonantie is:

 
 
 

Lange-afstand-communicatie op hf-banden wordt mogelijk gemaakt door het afbuigen van radiogolven in de:

 
 
 

De radialen van een groundplane antenne voor de 2-meter band hebben een lengte van ongeveer:

 
 
 

Een zender is aangesloten op een kunstantenne (dummy load). Het uitgangsvermogen van de zender wordt een factor 4 vergroot.

De uitgangsstroom wordt dan:

 
 
 

Het spanningsverschil tussen P en Q is:

 
 
 

Voor de radiozendamateur in de categorie N is het maximaal toegestane zendvermogen:

 
 
 

Halfgeleidend materiaal wordt het meest toegepast in een:

 
 
 

De letter ”R” wordt in de elektronica gebruikt voor een:

 
 
 

In de UHF-band ligt de frequentie:

 
 
 

Om de maximaal toelaatbare vermogensdissipatie van een weerstand te verhogen, kan men het beste:

 
 
 

De waarde van deze weerstand is:

 

 
 
 

Aan de antenne-ingang van een TV-ontvanger, geschikt voor frequenties tot 900 MHz, wordt een voorziening geplaatst om oversturing door een 13-cm amateurzender te voorkomen.

Dit moet zijn een:

 
 
 

Een bandfilter past men toe in:

 
 
 

Een 2-meter FM-ontvanger heeft een middenfrequentie van 10 MHz.

Om een signaal op 145 MHz te ontvangen kan de oscillatorfrequentie zijn:

 
 
 

 

Afbeelding 1

Transformator T2 dient voor het:

 
 
 

Het zendvermogen van een 2-meter FM-teIefoniezender is:

 
 
 

Bij geopende schakelaar S dissiperen de weerstanden elk 50 watt.

Als de schakelaar S wordt gesloten, is het gedissipeerde vermogen:

 

 
 
 

Een zender, welke werkt in de band 144-148 MHz en 100 watt kan leveren, wordt te koop

Mag een radiozendamateur met een N-registratie deze apparatuur gebruiken?

 
 
 

Gedurende een uitzending dient de radiozendamateur zijn roepletters:

 
 
 

De juiste volgorde van toenemende bandbreedte is:

 
 
 

In welke schakeling geleidt de diode?

 
 
 

Als selectieve laagfrequentversterker kan het best worden gebruikt:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
 
 

Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storing in de frequentieband 61-68.

De storing kan worden verminderd door:

 
 
 

In weerstand R1 wordt 10 watt gedissipeerd.

Het gedissipeerde vermogen in de gehele schakeling is:

 
 
 

Verbindingen in de 14 MHz band over grote afstand worden gemaakt via:

 
 
 

Een zen der is afgesloten met een belastin gsweerstand van 50Ω. Het hf-uitgangsvermogen van de zender is:

 
 
 

De schakeling is een:

 
 
 

De gebruikelijke naam voor element 3 van de yagi-antenne is:

 
 
 

Een AM-zender wordt gemoduleerd met spraak.

De klasse van uitzending is:

 
 
 

In een hoogfrequentkring wordt een vaste condensator van 80 pF in serie geschakeld met een variabele. De capaciteit van de variabele condensator kan worden ingesteld tussen 20 en 80 pF.

De kring ziet een capaciteitsvariatie van:

 
 
 

De vervangingsweerstand van twee weerstanden in serie:

 
 
 

In de figuur is het blokschema van een FM-zender weergegeven.

Het blokje gemerkt met X, stelt voor de:

 
 
 

Een parallelkring heeft:

 
 
 

Een geregistreerde radiozendamateur gebruikt zijn amateurstation als een onbemand relaisstation.

Dit is:

 
 
 

Een voeding wordt beveiligd met één of meer smeltveiligheden in de

Dit wordt in de praktijk gedaan met:

 
 
 

Onder troposfeer wordt verstaan het gedeelte van de atmosfeer boven het aardoppervlak:

 
 
 

Een radiozendamateur met een N-registratie wil bij een radiozendamateur met F-registratie zenden op een frequentie van 1297 MHz.

Dit is:

 
 
 

Een radiozendamateur werkt op een amateurfrequentie waarop de Amateurdienst met een secundaire status is toegelaten.

De radiozendamateur is verplicht om gedurende de uitzendingen:

 
 
 

Vraag 1 van 40