Proefexamen N(ovice)

Een dikke koperdraad heeft in vergelijking met een dunne koperdraad van dezelfde lengte:

 
 
 

Dit is het blokschema van een

Het blokje gemerkt met X stelt voor:

 
 
 

De maximaal toelaatbare stroom die continu door een 10 watt weerstand van 1000 ohm mag lopen is:

 
 
 

Aansluiting 1 is de:

 

 
 
 

In welke schakeling geleidt de diode?

 
 
 

De ITU regio I, waartoe Nederland behoort, omvat de volgende gebieden:

 
 
 

Dit is het blokschema van een EZB-zender.

In dit blokschema ontbreekt de:

 
 
 

De golflengte van een signaal, dat gereflecteerd wordt door de F-laag, kan zijn:

 
 
 

De juiste kleuraanduiding van de draden in een netaansluiting is:

 
 
 

Voor de koppeling van de zender met de antenne wordt vaak coaxiale kabel gebruikt.

Een belangrijke reden hiervoor is:

 
 
 

Welke maatregel kan worden genomen tegen het optreden van storing als gevolg van een aanwezig stoorveld?

 
 
 

Als transistoroscillator kan het best worden gebruikt:

 
 
 

Een belasting is aangesloten op een spanningbron.

Wat is de juiste plaats voor een spanningsmeter waarmee we de klemspanning van de spanningsbron willen meten?

 
 
 

Radiogolven met een frequentie van 10 MHz kunnen worden teruggekaatst in de:

 
 
 

Van een drie-elements yagi-antenne moet de voedingslijn worden aangesloten op

 
 
 

Een waarde van 200 pF wordt bereikt met:

 

 
 
 

Een zenerdiode wordt meestal toegepast om een:

 
 
 

Om de resonantiefrequentie van een antenne te verhogen dient men:

 
 
 

Bewering 1:

Een dubbelzijband AM-zender wordt gemoduleerd met een spraaksignaal. De klasse van uitzending is F3E.

Bewering 2:

Een FM-zender zendt een telegrafiesignaal uit, bestemd voor automatische ontvangst. De klasse van uitzending is F1B.

Wat is juist?

 
 
 

Het woord “YOGHURT” wordt volgens het voorgeschreven spellingalfabet gespeld als:

 
 
 

De automatische versterkingsregeling van een ontvanger regelt meestal de:

 
 
 

Bewering 1:

Een FM-zender wordt gemoduleerd met een spraaksignaal. De klasse van uitzending is F2A.

Bewering 2:

Een enkelzijbandzender met onderdrukte draaggolf wordt gemoduleerd met een spraaksignaal. De klasse van uitzending is J2B.

 Wat is juist?

 
 
 

De veiligste plaats om te werken aan apparatuur onder hoge spanning is een:

 
 
 

Een radiozendamateur met een N-registratie heeft een zelfbouw 2-meter zender die een zendvermogen kan afgeven van maximaal 50

Het gebruik van deze zender door de N-geregistreerde is:

 
 
 

Een bandfilter past men toe in:

 
 
 

De gebruikelijke naam voor element 3 van de yagi-antenne is:

 
 
 

Het zendvermogen van een zender is instelbaar van 1 tot 50 watt. De zender kan werken van 144-148 MHz.

Mag een radiozendamateur met een N-registratie dit apparaat gebruiken ?

 
 
 

Een amateurzender werkend in de 21 MHz band veroorzaakt storing in de frequentieband 61-68.

De storing kan worden verminderd door:

 
 
 

Als selectieve laagfrequentversterker kan het best worden gebruikt:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
 
 

Het deel van een EZB-station dat zou kunnen bijdragen aan de onderdrukking van hogere harmonischen in het uitgangssignaal is:

 
 
 

De parallelresonantiefrequentie van deze schakeling wordt bepaald door:

 

 

 

 

 

 

 
 
 

In een voedingsapparaat wordt de aangeboden netspanning omgezet naar een andere wisselspanning door:

 
 
 

Een voordeel van enkelzijbandmodulatie vergeleken met amplitudemodulatie is:

 
 
 

De waarde van deze weerstand is:

 
 
 

Door een weerstand van 2 kilo-ohm loopt een stroom van 5 milliampère.

De spanning over de weerstand is:

 
 
 

De laagfrequentversterker in een communicatieontvanger:

 
 
 

In een kring wordt aan de vaste condensator van 250 pF een afstemcondensator, met een minimumwaarde van 10 pF, parallel geschakeld. De afstemcondensator heeft een capaciteitsvariatie van 500 pF.

De kring ziet een capaciteitsvariatie van:

 
 
 

Welk schema stelt een resonantiekring voor?

 
 
 

Welke karakteristiek behoort bij een hoogdoorlaatfilter?

 

 

 

 
 
 

Een zender is via een kabel met de antenne verbonden.

Door het toevoegen van een antennetuner tussen de zender en de kabel kan:

 
 
 

Vraag 1 van 40